Thaise pindasoep

Thaise soepen zijn meestal rijk gevuld en bedoeld als een hoofdgerecht. Met wat aanpassingen is er wel een Thaise soep als voorgerecht te maken. Eet het als een lichte start van een Oosterse maaltijd.

Voor 4 personen

Neutrale olie om in te bakken; 1 ui, gesnipperd, 1 kleine wortel, klein gesneden; 2 el goede pindakaas (gemaakt met alleen pinda's, zonder toevoegingen); 1 tl sambal of een halve rode peper zonder zaadjes, fijngesneden; ongeveer 100 ml kokosmelk; ongeveer 500 tot 600 ml groentebouillon of water (kijk hier hoe je zelf groentebouillon maakt); sap van een halve limoen; een scheutje vissaus; 2 tl bruine suiker; een handje ongezouten pinda's, klein gehakt; wat Thaise basilicum of koriander, klein gesneden; een paar plakjes komkommer, in kwarten gesneden.

Bak de ui en wortel langzaam in de olie op matig vuur ongeveer 5 minuten; de ui en wortel moeten niet bruin worden. Voeg de pindakaas, sambal en kokosmelk toe en roer goed door.

Pureer de soep met een staafmixer of in een blender.

Doe de soep weer in de pan en voeg de bouillon toe en daarna de limoensap, vissaus en suiker. Laat 5 minuten op laag vuur goed warm worden. Bak ondertussen de pinda's in een droge koekenpan enkele minuten; schud de pan regelmatig heen en weer.

Doe de soep in kommen of op borden; strooi de pinda's en de Thaise basilicum of koriander over de soep en serveer direct.

Er gaat geen zout in de soep, die zit al genoeg in de vissaus. Wil je de soep vegetarisch, vervang de vissaus dan door een scheutje lichte sojasaus, ook dan is zout toevoegen niet echt nodig.

Thaise pindasoep 2